Volkstuinders over de Hongerwinter

Vandaag start de Week van de Geschiedenis met dit jaar als thema Oorlog en Vrede. In Utrecht is er o.a. een activiteitendag georganiseerd in het Volksbuurtmuseum Wijk C aan de Waterstraat 27. Onderwerp van de dag is de Hongerwinter 1944/1945.

hongerwinter

Kunnen u of uw kinderen zich voorstellen hoe het moet zijn geweest om te leven tijdens de Hongerwinter 1944/1945? In het kader van de Week van de geschiedenis, die dit jaar het thema ‘Oorlog en Vrede’ draagt, vindt er in het Volksbuurtmuseum Wijk C een bijzonder evenement plaats. Op 17 oktober kunt u ervaren hoe het leven er tijdens de Hongerwinter in Nederland uit moet hebben gezien.

Geheel in de geest van het Volksbuurtmuseum worden er laagdrempelige activiteiten georganiseerd waarbij de inwoners van Wijk C zijn betrokken. Direct bij binnenkomst zal u ervaren dat de ruilhandel belangrijk was om aan voedsel te komen. U moet uw lievelingseten even vergeten, want u ontvangt ‘waardevolle’ spullen waarmee hopelijk voedsel gekocht kan worden. Aan de hand van illustraties over de hongerwinter en door het maken van opdrachten volgt u een route in het museum.
U kunt zelf ervaren hoe het is om een kinderwagen te trekken, gevuld met wat aardappelen, knollen en bieten. U kunt aanschuiven aan tafel om te luisteren naar verhalen van enkele inwoners van Utrecht die in de oorlog een volkstuin hadden. Er wordt op een petroleumstel ‘oorlogsvoedsel’ klaar gemaakt waarvan u mag proeven. Ook kunt u kennismaken met de moestuinverenigingen die er nu nog zijn in Utrecht. Wat kan er verbouwd worden in een moestuin en wat is er nog meer mogelijk met een moestuin? Ook kunt u te weten komen hoe u aan een moestuin kunt komen.

Oral history project

De activiteitendag is een initiatief van Gerhard van de Berg, Tico Koopmans en Iris van Meer. Met deze dag hopen de drie initiatiefnemers o.a. positieve aandacht te krijgen voor een mondeling geschiedenis (oral history) project waar zij al langere tijd aan werken. In dat project staan verhalen centraal van mensen die een volkstuin hielden tijdens de Tweede Wereldoorlog. Doormiddel van interviews wil het team onderzoeken in hoeverre deze volkstuinen hebben bijgedragen aan het verbeteren van de toenmalige voedselsituatie.

Verhaal in beeld

Van de Berg, Koopmans en Van Meer willen met hun project een start maken om verhalen rondom volkstuinen tijdens de Tweede Wereldoorlog op te sporen en vast te leggen. Zij willen deze data gebruiken voor wetenschappelijk onderzoek en mogelijk voor een documentaire. Volkstuinvereniging De Pioniers, die komend jaar 75 jaar bestaat, is van plan de verhalen te gebruiken voor een essay.

Enkele getuigen zijn al opgespoord. Deze ouderen hadden tijdens de oorlog een moestuin en willen hierover vertellen. Twee van hen zijn aanwezig tijdens de activiteitendag in het Volksbuurtmuseum. Zij zullen vragen beantwoorden van bezoekers, om zo een beter beeld te geven van die periode. De initiatiefnemers van het oral history project hopen dat n.a.v. de activiteitendag ook andere getuigen zich melden.

Er is nog maar weinig informatie over het onderwerp te vinden, en steeds minder mensen die er iets over zouden kunnen vertellen. Met dit project willen we verhalen vastleggen voordat dit niet meer kan.

Onduidelijkheden

Afgelopen week sprak ik met Gerhard van de Berg (eerder coördinator van het project Levende Herinneringen) over het moestuinenproject. Van de Berg geeft aan dat er nog veel vragen zijn die met dit project hopelijk opgehelderd kunnen worden.

Was er wel genoeg zaai- en pootgoed? Werd de groente niet gestolen zodra het rijp was? In Utrecht is er een NSB commissie ingesteld bij een aantal moestuincomplexen. Wilde je daar dan nog wel komen? Had je tijd om de moestuin te onderhouden? Was het niet meer een last dan een zegen?

Volkstuinen vandaag

Zijn stadsmensen vandaag de dag eigenlijk nog wel geïnteresseerd in het onderhouden van een volkstuin?

Interessant is dat er de afgelopen maanden tegenstrijdige berichten in kranten staan. Er wordt geschreven dat er meer moestuinen bijkomen en aan de andere kant wordt er geschreven dat er een afname is van moestuinen.

In elk geval, ook vandaag de dag kan de volkstuin van waarde zijn voor (mensen in) de stad, vindt Van de Berg.

Het kan kinderen leren waar groente en fruit vandaan komt. Wat seizoensgebonden groente is. Oogst uit de tuin is vaak een stuk lekkerder, en kan hierdoor een stimulans zijn om kinderen verse, zelfverbouwde groente te laten eten. Je leert als volkstuinder om te plannen, onderhouden en geduld te hebben.

De volkstuin heeft verder ook een sociale functie. Iedereen kan er bij betrokken worden. Het kan een extra sociale afdeling zijn van bejaardentehuizen/aanleunwoningen en ‘prachtwijken’ om gezamenlijk iets op te bouwen.

Volkstuinen kunnen er ook voor zorgen dat steden hun groene hart behouden. Misschien wel een vervanging voor de parken of een nieuwe functie voor braakliggende gronden in steden, waarbij de functie van park en moestuin gecombineerd kunnen worden.

Prijs

Het oral history project – dat uitgevoerd moet worden met lokale fondsen – is opgezet in samenwerking met Landschap Erfgoed Utrecht. Om het project meer bekendheid te geven, is ook het Volksbuurtmuseum Wijk C erbij betrokken en werd de eerder genoemde activiteitendag georganiseerd, als onderdeel van de Week van de Geschiedenis.

Aan de Week van de Geschiedenis is ook een prijs verbonden die bestaat uit een cheque van 5.000 euro. Uit ruim 700 inzendingen is een selectie van 10 activiteiten gemaakt, waarbij ook de activiteitendag in het Volksbuurtmuseum is genomineerd. Vanaf 17 oktober is op de website van Week van de Geschiedenis een filmpje te vinden waarop bezoekers kunnen stemmen. Van de Berg hoopt dat veel mensen stemmen op hun activiteit. Winnen ze de prijs, dan is het eerste bedrag binnengesleept om aan het oral history project te kunnen beginnen.

Advertenties

Ouderen in de moestuin aan de Costa del Sol

Sarah Spaulding Castle and Maud Cooper in GardenEen knipseltje uit de krant Costa del Sol Actueel (meegebracht door schoonvaders vanuit het zonnige zuiden), vertelt dat in de zuidelijke gemeente Antequera een ouderencentrum gaat starten met ecologische moestuinen. Het project is een initiatief van de gemeente. Volgens de regerende partijen hebben nog veel ouderen de droom hun eigen gewassen te verbouwen. Zelf wil de gemeente graag ecologisch tuinieren en de beschikbaarheid van ecologisch voedsel bevorderen. Met dit project slaat zij dus twee vliegen in één klap.

De gemeente stelt percelen landbouwgrond beschikbaar en andere nodige middelen om ecologisch tuinieren mogelijk te maken. De opbrengst is in eerste instantie voor eigen gebruik in het ouderencentrum zelf, maar wordt later mogelijk ook op een markt verkocht. Er is momenteel al een ecologische markt op zaterdagen, genaamd Ecoantequera.

De krant meldt nog meer: “Daarnaast heeft de gemeenteraad besloten om een subsidie beschikbaar te stellen voor de bouw van een kassencomplex waar mensen die moeilijk meekomen in de samenleving zullen gaan werken.”

(Ben benieuwd of met de toename van dit soort projecten ook het aandeel Spaanstalige mensen in de Farming for Health CoP zal gaan groeien. Al lange tijd blijft dat aantal hangen op 1 of 2 leden. Mogelijk de taalbarrière.)

Een bijzondere ontmoeting op Bronlaak

Group photoAfgelopen zaterdag was ik uitgenodigd om kennis te komen maken met een Indiaas echtpaar dat rond Madurai (Tamil Nadu, India) een uitgebreid centrum runt voor geestelijke gezondheidszorg van voornamelijk arme mensen. Mensen met psychische problemen of een verstandelijke beperking worden in India vaak buitengesloten (of soms juist letterlijk binnen gesloten – hun hele leven) en beschouwd als van weinig tot geen waarde voor de samenleving. Het centrum (M.S. Cellamuthu Trust) biedt deze mensen een programma dat zich richt op genezing waar mogelijk, en verder zoveel mogelijk rehabilitatie: leren omgaan met de beperking en zoveel mogelijk richten op wat wel mogelijk is. Landbouwvaardigheden vormen een essentieel onderdeel van het rehabilitatie programma. Op mijn Engelse weblog schreef ik een verslag over deze bijzondere organisatie.

Kennismaking

De ontmoeting met de familie Ramasubramanian-Rajkumari en hun Nederlandse contactpersoon Gerard Helmink vond plaats bij Bronlaak, waarover zij een artikel hadden gelezen in het LEISA Magazine. Dit vormde een mooie gelegenheid voor mijzelf om ook eens een kijkje te nemen bij deze antroposofische woon-werkgemeenschap in het noordoosten van Brabant, en eindelijk eens kennis te maken met CoP Farming for Health lid Natasha van Dijk en haar partner Michael, beiden werkzaam en woonachtig op Bronlaak. In dit bericht een verslag van wat ik heb meegekregen van het reilen en zeilen van deze gemeenschap.

Dorpsgemeenschap

BronlaakBronlaak – sinds kort onderdeel van de landelijke antroposofische zorginstelling Zonnehuizen – kent momenteel zo’n 90 bewoners binnen de gemeenschap zelf en 30 bewoners in nabijgelegen dorp, beiden als onderdeel van de 24-uurs zorg die de gemeenschap biedt. Daarnaast zijn er nog eens 100 mensen die niet wonen maar wel werken bij Bronlaak.

De bewoners wonen met 5 á 6 mensen in een woonhuis. De samenstelling van de bewoners is nauwkeurig bepaald, o.a. aan de hand van het type zorgvraag en de mate van zelfstandigheid van de bewoners.  In ieder rijtje huizen is daarnaast een woning voor enkele woonbegeleiders, die – samen met anderen in full- of parttime dienstverband – beschikbaar zijn voor directe zorg, ook ’s nachts. Ook veel van het overige personeel van Bronlaak woont binnen de dorpsgemeenschap.

De gemeenschap is vormgegeven rond drie pijlers: wonen, werken en therapie. Elk van de zorgvragers krijgt een mentor binnen de onderdelen wonen en werken aangewezen (ongeveer 5 bewoners per mentor).

Structuur

De gemeenschap begint de dag gezamenlijk om 8:15 uur, als er in een kring geopend wordt met de ochtend spreuk – een spreuk van Rudolf Steiner. Tijdens de opening is er ruimte voor mededelingen (verjaardagen, ziekte, aangekondigen van afscheid van bewoners) en wordt er na het zingen van een lied elkaar een fijne dag gewenst. Iedereen vertrekt daarna naar zijn eigen werkplek, waar om 8:30 gestart wordt. Natasha legt dit verzamelen en uitwaaieren uit als een soort inademen en uitademen, een natuurlijk ritme dat de mensen houvast geeft. Ook dingen als het ritme van de seizoenen, dat o.a. vanwege het buitenwerk door velen heel bewust wordt ervaren, wordt door de bewoners als prettige vaste structuur ervaren.  

Dagbesteding

Nursery in greenhouseZorgvragers kunnen uit een groot werkaanbod activiteiten kiezen. Op het terrein van Bronlaak zelf is er bijvoorbeeld een grote biologisch-dynamische tuin De Kiem met:

  • Groenten en fruit in de volle grond,
  • Kassen voor bijvoorbeeld tomaten, maar ook voor het opkweken van kleine plantjes voor de eigen tuin en verkoop aan de lokale tuinders,
  • Een tuin met kruiden en medicinale planten, waarmee ook gedroogde kruiden, thee en tincturen op fytotherapuetische basis worden gemaakt voor verkoop in de eigen winkel.

Fresh produce from the gardensVerder kan er bijvoorbeeld gewerkt worden met de koeien op het land en zijn bewoners onder begeleiding betrokken bij onderhoud van het groen op het landgoed. Voor meer binnenwerk  is er een kaasmakerij (van de melk van de Bronlaakse koeien), een pottenbakkerij en kaarsenmakerij en zijn er nog vele creatieve werkzaamheden zoals weven (o.a. sjaals en kleden), zijde schilderen, werken met vilt (o.a. decoratief) en met hout (o.a. speelgoed). Ook zijn er bewoners die graag werken in het huishouden van de gemeenschap, zoals de keuken of de wasserij.

Het toewijzen van een taak of type werk wordt altijd gedaan in samenspraak tussen therapeut, ouders/partner van de bewoner en de bewoner zelf. Hierbij wordt gekeken naar de mogelijkheden van de bewoner en zijn/haar persoonlijke voorkeur. De ene persoon heeft meer behoefte aan een veilige, besloten omgeving om geconcentreerd te kunnen werken, terwijl een ander liever zijn energie kwijt raakt door het buiten werken.

Deelnemen

Erg mooi is hoe ook mensen die nauwelijke actief kunnen bijdragen aan het uitvoeren van het werk toch bij de gemeenschap betrokken worden. Zoals een bewoner met een zware verstandelijke en lichamelijke handicap, die tijdens het werken in de keuken gewoon aanwezig is en alles volgt via het kijken en luisteren naar de medebewoners. Of de oudere bewoners, die steeds minder goed – of zelfs niet meer – kunnen meewerken, maar toch op Bronlaak kunnen blijven wonen en zijn. In de laatste fase van hun leven krijgen ze de mogelijkheid om hun levensverhaal op te tekenen, bijvoorbeeld aan de hand van foto’s. Zo bereiden zij zich langzaam voor op hun aftocht van het wereldtoneel.

Omgekeerde integratie

Winkel Waterman - BronlaakAl de producten die op Bronlaak worden geproduceerd, van groenten en sierbloemen tot de zijdeschilderingen en houten speelgoed worden verkocht in de winkel Waterman, centraal gelegen op het landgoed. Deze winkel trekt ook mensen uit de omgeving aan, en is daarmee een onderdeel van de “omgekeerde integratie” die Bronlaak wil bewerkstelligen.

Sinds een tijd wordt in Nederland veel aandacht besteed aan het opnemen van mensen met een handicap in de lokale gemeenschap, door woonhuizen in de dorpen en wijken op te zetten, in plaats van geïsoleerd in de buitengebieden. Maar dat iemand in een gewone straat woont naast gewone buren betekent nog niet dat er veel contact is met die buren. Sommige gehandicapten kunnen alsnog heel eenzaam zijn, veel meer dan wanneer zij op een plek als Bronlaak wonen. Bronlaak besteed daarom veel aandacht aan het uitnodigen van mensen buiten de gemeenschap om contact te leggen, te komen ervaren wat het is om op Bronlaak te wonen en werken. In plaats van mensen met een handicap te integreren in onze toch erg individualistische samenleving ligt de focus hier op een hernieuwde kennismaking van mensen met hun meer hulpbehoevende buren. Naast het houden van de winkel, werkt Bronlaak hier ook aan door het organiseren van talloze activiteiten als open dagen, concerten en tentoonstellingen, en door open te staan voor bezoekers die eens willen komen kijken of die willen meewerken als vrijwilliger. Een uitnodigende houding die mij, na dit inspirerende bezoek, doet wensen dat ik iets dichterbij woonde dan de huidige 3 uur reisafstand tussen Bronlaak en mijn eigen woonplaats!

Zie hier de foto’s die ik maakte tijdens dit bezoek. Meer informatie over andere antroposofische zorglocaties van de koepel Zonnehuizen, waaronder een aantal zorgboerderijen en woon-werk gemeenschappen elders in het land, is te vinden op hun website. De ontstaansgeschiedenis van het landgoed en de antroposofische dorpsgemeenschap Bronlaak is opgetekend door Albert Arts in het boek Bronlaak. Antroposofische dorpsgemeenschap met verstandelijk gehandicapten. Ideaal en Werkelijkheid. ISBN 90 901 2088 2. Te verkrijgen bij winkel Waterman op Bronlaak.

Moestuin Maarschalkerweerd

Een foto-reportage deze keer, van Moestuin Maarschalkerweerd, een mooi plekje net even buiten Utrecht, vlak bij de Uithof. Mooi voor een wandeling tussen de groenten (oude rassen) en kruiden, langs de bijenstal of door de kassen, o.a. met druiven, kiwi’s en vijgen. Heerlijk om in het café of op het terras iets biologisch (van eigen grond) te eten of drinken, of op het grote grasveld een boek te lezen in de zon, terwijl de kinderen spelen in de speeltuin of bij de dieren.

Stadslandbouw

Snijbiet

Kruidentuin

Boon en venkel in de kas

Vierkante meter schooltuintjes

Landbouw en Zorg

De Moestuin werkt voor de dagbesteding en arbeidsintegratie nauw samen met Abrona. Abrona is een organisatie die zich inzet voor dienstverlening aan mensen met een verstandelijke beperking. Dit gaat zowel om wonen, dagbesteding en arbeidsintegratie. In de provincie Utrecht hebben zij vele projecten. De Moestuin kiest er bewust voor met verschillende doelgroepen samen te werken; daarom zijn er zowel plekken voor dagbesteding als arbeidsintegratie

Laarzen

>> Meer foto’s

Intergenerationele moestuin in Andenne (België)

Bij een internet-zoektocht naar verschillende zorglandbouw initiatieven waarover ik op papier iets had gelezen (maar zonder vermelding van website – helaas) kwam ik een erg interessante publicatie van de Boudewijn Stichting tegen. Een samenleving voor alle seizoenen (juni 2008) gaat over initiatieven en ideeën rondom een samenleving waarin ruimte en aandacht is voor contact (wederzijds leren, elkaar helpen) tussen verschillende generaties. Later meer lezen, maar een leuk initiatief dat genoemd wordt is dat van een ‘intergenerationele moestuin’ bij een buurthuis in het Belgische Andennen. Bij deze even de tekst integraal overgenomen, ook omdat ik er verder zo gauw geen informatie in het Nederlands over kon vinden, en de Franstalige websites mij te moeilijk zijn. En zou toch jammer zijn zo’n leuk initiatief uit het oog te verliezen. Bij deze dus.

Een buurtdynamiek creëren rond een sociale en intergenerationele moestuin, dat is wat een buurthuis in Andenne via zijn project wou bereiken. En het is in zijn opzet geslaagd…

De moestuin van het Buurthuis van Andenne, op een terrein van een partner-vzw, leverde vorig jaar zijn eerste oogst af. Het doel was de inwoners van het oude Andenne samen te brengen, waarbij jong en oud gezamenlijk instonden voor het planten, het besproeien en het oogsten van hun zelfgekweekte groenten en fruit.

Zoals Valérie Nieus, coördinator van het buurthuis, uitlegt, “dankzij onze contacten met de inwoners en dankzij de mond-tot-mondreclame zijn mensen op ons afgekomen met de vraag om percelen te mogen beheren en er hun eigen moestuin aan te leggen. Wij van onze kant hebben een ruimte voorbehouden voor de kinderen van de huiswerkklassen, terwijl een gediplomeerde en nu gepensioneerde tuinman, zich met de groep kinderen bezig heeft gehouden. Aanvankelijk viel het contact met de aarde niet mee voor sommige kinderen. Ze waren niet allemaal opgetogen over het project. Nu vormen ze echter een hechte groep van een twaalftal kinderen die allemaal even enthousiast meewerken. Sommige ouderen wensten dan weer geen contacten met de kinderen maar wilden enkel hun lapje grond bewerken. In de loop der weken zijn echter goede banden tussen hen gegroeid, waarbij ze op elkaars percelen toezicht hielden en elkaar advies gaven. Het is allemaal in gunstige zin geëvolueerd.”

Sommige doelstellingen moeten nog worden verwezenlijkt, zoals de verdeling van het fruit onder behoeftige personen of het zoeken naar een partnerschap met een vereniging voor hulp aan drugsverslaafden. Tijdens het komende seizoen zal de moestuin worden vergroot, en de toekomstige oogst ziet er in elk geval veelbelovend uit.

Contact : Maison de quartier d’Andenne, rue Delcourt 4, 5300 Andenne, 085 84 37 94