Op Foodlog een bericht n.a.v. het recent in Nature gepubliceerde onderzoek van Verena Seufert waarin ‘organic and conventional agriculture’ weer eens naast elkaar werden gezet. “Welk landbouwsysteem kan de wereld voeden?” is de steeds terugkerende vraag. Een non-discussie, vinden velen (in feite ook een conclusie van het onderzoek zelf). We moeten niet denken aan óf biologisch óf conventioneel, maar profiteren van the best of both worlds. Kan ik me op zich in vinden, als het betekent dat we afstappen van een blinde focus op ‘biologisch gecertificeerd voedsel’ als enige ware weg naar een duurzaam voedselsysteem. Ook alternatieve routes kunnen tot grootschalige verduurzaming leiden. Maar uiteindelijk moet wel álle landbouw – ook de ‘conventionele’ – rap in beweging komen en snel (of sneller dan nu) gaan verduurzamen.
Voedsel voor iedereen
Op FoodFirst staat nog een andere reactie op Seufert’s onderzoek. Even los van de tegenargumenten dat opbrengsten van organic wél voldoende of zelfs meer opleveren (…) is de strekking van het artikel dat juist wanneer het gaat om armoedebestrijding en honger, het huidige systeem van grootschalige productie voor de wereldmarkt niet de mensen bedient die op dit moment voldoende goed voedsel ontberen. We produceren namelijk al lang genoeg, zelfs zoveel dat we er de verwachtte wereldbevolking in 2050 mee zouden kunnen voeden. Het voedsel wordt alleen niet goed verdeeld of gebruikt. Het is onbetaalbaar voor de 925 miljoen armen, mede omdat deze moeten concurreren met de veehouderij en biobrandstof sector die ook graag gebruik maken van het geproduceerde gewassen. Het armoedeprobleem is dus geen landbouwproductie vraagstuk, maar draait om hervorming van het gehele systeem.
Agroecology
De schrijvers van het FoodFirst artikel verwijzen naar het werk van De Schutter over agroecology – het gebruiken van kennis over ecosystemen om je landbouwbedrijf te optimaliseren. Agroecology biedt veel kansen voor zowel grootschaliger (commerciele) landbouwbedrijven als voor kleinschalige boeren op suboptimale landbouwgronden, zeker in het licht van veranderende klimaatomstandigheden waarbij ook de huidige conventionele landbouw het zal laten afweten.
Hier een zeer uitgebreid artikel van De Schutter over de potentie van agroecology, over de obstakels die de ‘doorbraak’ van agroecology hinderen, en enkele suggesties om dit aan te pakken.
De steun van de lokale ondernemers is bij andere markten best belangrijk gebleken. En dat zal het ook zeker zijn in het geval van PUUR Elburg. Uitgangspunt is namelijk een breed concept voor de hele winkelvesting, waarbij het principe van duurzaam produceren en verkopen ( en uiteindelijk duurzaam consumeren) zo breed mogelijk wordt neergezet en gedragen door winkeliers en ondernemers uit de horeca en toerisme. Na tweemaal spreken op bijeenkomst van de winkeliersvereniging organiseerden we 2 Maart dit jaar een grotere bijeenkomst die helemaal in het teken van PUUR Elburg stond: Werk aan de Winkel. De grote opkomst van Elburger ondernemers die constructief kritisch de mogelijkheden van een markt bespraken vormde voor de werkgroep een zet in de rug om door te gaan, en voor de gemeente om mee te werken middels de inzet van marktmeester Sneller. PUUR Elburg zal niet starten als tweewekelijkse markt zoals aanvankelijk gepland, maar eerst maar eens drie proefmarkten dit jaar. Dit om de “techniek” van het markthouden onder de knie te krijgen, een goede organisatie op te zetten, en zowel potentiële verkopers en klanten een beter beeld en gevoel te kunnen geven van wat PUUR Elburg kan betekenen.








